Nieuws

2020: Huis alleen nog voor spaarzame starter?

Tophypotheken zijn taboe tegenwoordig. Waar je tien jaar geleden nog weleens 120 procent van de woningwaarde kon lenen, geldt anno 2016 een maximum van 102 procent. In 2017 verdwijnt er weer een procentpunt en in 2018 mag je hypotheek niet meer dan 100 procent van de woningwaarde bedragen. Houdt het daar op? Verschillende overheidsinstanties adviseren om het maximale leenpercentage terug te brengen naar 90 procent van woningwaarde. 

Een dergelijke versobering van de hypotheekregels zou grote gevolgen hebben voor starters op de woningmarkt. In 2014 was de gemiddelde aanschafprijs van een starterswoning €185.000. Zouden de regels verder aangescherpt worden, dan moet je als starter voor zo’n woning dus minstens €18.500 euro aan eigen geld meebrengen. Daar komen vervolgens nog 2 procent overdrachtsbelasting, hypotheek- en notariskosten bij. Reken dus maar op € 27.750.

4 jaar sparen voor startershypotheek

Onderzoeksbureau GfK vroeg potentiële eerste huizenkopers hoe lang ze nodig denken te hebben om 20.000 euro bij elkaar krijgen voor de aanschaf van een huis. Gemiddeld dachten de respondenten daar vier jaar voor nodig te hebben. Let wel, met 20.000 euro eigen geld lukt het nog niet om een gemiddelde starterswoning te bekostigen. Je komt bijna 8.000 euro te kort.

Sparen

Het Centraal Planbureau (CPb) voorspelde onlangs dat ongeveer 70.000 starters de aanschaf van een huis moeten uitstellen als ze minstens 10 procent zelf moet inleggen. Niet alleen zal met een dergelijke maatregel de vraag naar starterswoningen terugvallen, ook de waarde van woningen zal teruglopen en de bouw van nieuwe huizen vertraagt.

Zelf geld meebrengen wel populair

Hoewel je nu nog relatief weinig spaargeld nodig hebt voor een koophuis, is zelf geld meebrengen wel populair. Volgens GfK heeft in de eerste helft van 2015 zo’n 51 procent van de starters eigen geld ingelegd bij de aankoop van een woning. Ongeveer 40 procent deed dat om de maandlasten van de hypotheek te verlagen; banken geven een rentekorting als ze niet 100 procent van de woning hoeven te financieren. Bovendien is het aflossingsdeel dan iets kleiner.

Ook kopers die doorstromen uit een andere koopwoning nemen vaker eigen geld mee. Hierbij gaat het niet per se om spaargeld. Dat geld is meestal afkomstig uit de overwaarde van het vorige huis.

Eén op de drie starters krijgt ondersteuning

GfK constateerde daarnaast dat starters ook op dit moment al vaak ondersteund moeten worden als ze een huis kopen. Ongeveer één op de drie starters kreeg een gift of lening van familie om een huis te kopen, liet een familielid borg staan of gebruikte een starterslening.

Hoe dramatisch zou het zijn als starters zich gedwongen enkele jaren moeten terugtrekken van de woningmarkt? Het is niet onrealistisch om te denken dat de gevolgen aanzienlijk zullen zijn. De afgelopen vijf jaar waren starters goed voor ongeveer de helft van alle woningverkopen.

Doorstromers zouden bij aanscherping van de hypothekeregels naar 90 procent langer moeten wachten tot iemand hun starterswoning koopt. Langer wachten betekent dalende huizenprijzen. De kans dat je hypotheek onverwacht toch (weer) onder water komt, neemt dan dus toe. 

BRON: Wegwijs.nl

October 4, 2015 0 Comments

Ook kleine spaarder belegt

Vermogensmix basis voor bepalen rendement

De nieuwe spaarbelasting die het kabinet onlangs aankondigde, blijkt toch iets ingewikkelder in elkaar te zitten dan vooraf verwacht. Weliswaar gaat de spaarbelasting voor kleine spaarders per saldo omlaag, toch is de daling minder fors dan misschien gehoopt. Het kabinet gaat er namelijk vanuit dat ook kleine spaarders beleggen. Dat blijkt uit de prinsjesdag stukken die vandaag zijn gepubliceerd.

Momenteel is de vermogensbelasting in box 3 eenvoudig geregeld: iedere belastingplichtige heeft in box 3 een heffingvrij vermogen van € 21.330 (2015). Over het vermogen boven deze vrijstelling moet 1,2% inkomstenbelasting betaald worden. De belastingdienst gaat er van uit dat u minimaal 4% rendement maakt over uw vermogen en daarover moet 30% belasting betaald worden: 1,2%.

Deze spaarbelasting wordt de laatste jaren als oneerlijk beschouwd omdat de spaarrente vaak al lager ligt dan de belasting. Wordt er dan ook nog rekening gehouden met de geldontwaarding middels de inflatie, dan wordt het spaargeld van vooral kleine spaarders elk jaar juist minder waard.

Daarom komt er een nieuwe regeling voor de vermogensbelasting die per 2017 ingaat. Jammer genoeg blijkt de nieuwe regeling nu wel ingewikkelder dan vooraf gedacht:

Schijf Box 3-vermogen Heffingvrij vermogen Rendement sparen (1,63%) Rendement beleggen (5,5%)
1e € 0 – € 100.000 -/- € 25.000 67% 33%
2e € 100.000 – € 1 miljoen 21% 79%
3e > € 1 miljoen 0% 100%

Voortaan wordt de vermogensbelasting geheven over 3 schijven. De vermogensvrijstelling wordt verhoogd tot € 25.000 per belastingplichtige. Kleine spaarders met een spaarvermogen tot € 100.000 betalen alleen belasting volgens de eerste schijf. Spaarders met een spaarvermogen tot € 1.000.000 betalen ook belasting in de tweede schijf, terwijl vermogens boven 1 miljoen zelfs belasting in de derde schijf gaan betalen.

Wat nog onbekend was in de onlangs gelekte plannen is de zogenaamde vermogensmix. Daarbij gaat het kabinet ervan uit dat er binnen elke schijf in een vastgelegde verhouding gespaard en belegd wordt. Kleine spaarders tot € 100.000 vermogen doen bijvoorbeeld gemiddeld voor 67% aan sparen en voor 33% aan beleggen. Bij sparen hoort een spaarrendement van 1,63% (gemiddelde spaarrente laatste 5 jaar) terwijl bij beleggen 5,5% beleggingsrendement hoort. Over dit rendement wordt vervolgens weer 30% belasting geheven.

In het nieuwe systeem wordt de vermogensbelasting van een alleenstaande met € 150.000 vermogen dan als volgt berekend:

spaarrendement (1,63%) beleggingsrendement (5,5%)
1e schijf 67% x (€ 100.000- € 25.000) = € 50.250 33% x (€ 100.000 – € 25.000) = € 24.750
2e schijf 21% x € 50.000 = € 10.500 79% x € 50.000 = € 39.500
3e schijf 0% x € 0 = € 0 100% x € 0 = € 0
Grondslag sparen en beleggen € 60.750 € 64.250

Het voordeel sparen en beleggen bedraagt dan 1,63% x € 60.750 + 5,5% x € 64.250 = € 4.524. De te betalen belasting bedraagt 30% x € 4.524 = € 1.357. In het oude stelsel is dit nog € 1.544

Voor alleenstaanden (1 vrijstelling) is het omslagpunt circa € 240.000. Voor echtparen en samenwonenden waar sprake is van 2 belastingplichtigen maar ook 2 keer de vrijstelling van € 25.000, ligt het omslagpunt bij een gezamenlijk vermogen van circa € 480.000 (bij 50% / 50% verdeling). Voor vermogens boven deze grenzen wordt de nieuwe vermogensbelasting duurder, terwijl voor lagere vermogens het nieuwe stelsel juist voordeliger wordt. Het plan moet als onderdeel van het belastingplan 2016 wel nog door de Eerste en Tweede Kamer goedgekeurd worden.

BRON: homefinance.nl

September 18, 2015 0 Comments

Spaarrente bij ABN Amro verder naar beneden

ABN verlaagt per 30 september de spaarrente. De bank, die in handen is van de overheid, wist haar grote concurrenten tot voor kort maar net voor te blijven. Nu duikt ABN met de verlaging naar 1 procent zelfs onder de spaarrente van Rabobank en ING. Uit eigen onderzoek blijkt dat aflossen op de hypotheek, beleggen en spaargeld vastzetten voor een hogere rente de populairste alternatieven voor sparen zijn. Ook voor de komende tijd is het aanlokkelijk een andere bestemming voor je spaargeld te zoeken. Zeker nu een nieuw dieptepunt is bereikt.

We onderzochten of jij als lezer een andere bestemming voor je spaargeld zoekt, nu de spaarrekening zo weinig oplevert. Van de 965 deelnemers aan het onderzoek geeft 33 procent aan, ondanks de lage spaarrente, geen actie te ondernemen. Stipt op nummer één staat het alternatief extra aflossen op de hypotheek. Van degenen die overstappen, kiest een deel ervoor om het spaargeld vast te zetten.

Resultaten onderzoek: De spaarrente is al tijden ongekend laag. Wat heb jij gedaan?

Wat Doe Jij Met Je Spaargeld

Renteverschil van 0,75
Van de drie grootste banken is ABN met 1 procent spaarrente het zuinigst. Niet dat je bij Rabobank en ING slapend rijk wordt; daar krijg je respecievelijk 1,10 en 1,15 procent spaarrente. Het best ben je op dit moment af bij Knab, deze relatieve nieuwkomer biedt 1,75 procent rente. Heb je meer dan € 50.000, dan ben je bij Knab verplicht een spaarrekening te nemen met € 5 aan maandelijkse kosten.

De volgende Nederlandse verstrekker is Nationale Nederlanden met 1,65 procent. In vergelijking met ABN loopt het renteverschil op tot 0,75. De moeite van het overstappen waard.

Spaargeld vastzetten op een depositorekening?
Je spaargeld vastzetten op een depositorekening levert langzamerhand iets meer op. Toch is het maar de vraag of dit verstandig is. Leaseplan Bank geeft bijvoorbeeld slechts 1,95 procent rente als je jouw spaargeld voor een jaar afstaat. Bij tussentijds opnemen betaal je daarbij boeterente. Zelf bij drie jaar vastzetten is de beloning (2,20 procent) vrij mager.

Geld voor langere tijd vastzetten is verstandig als verwacht wordt dat de rente daalt in de toekomst. Voor de korte termijn is een verdere daling van de spaarrente zeker niet uit te sluiten. Toch staan we, door het beleid van overheden en toezichthouders als de Centrale Europese Bank, al op een historisch dieptepunt. Op dit moment je spaargeld voor meerdere jaren afstaan, is een twijfelachtige keuze.

Extra aflossen
Een groot deel van de respondenten geeft aan extra af te lossen op de hypotheek. Door extra af te lossen daalt je hypotheekschuld en betaal je minder aan rente, maar extra aflossen is niet per definitie de beste keus. Omdat je spaargeld dan vastzit in je huis, is het onbereikbaar voor andere bestedingsdoelen.

Meer geld naar aandelen
Investeren in aandelen brengt altijd risico met zich mee. De Nederlandse aandelenbeurs (AEX) is sinds augustus met meer dan vijf procent gestegen. Economen zijn grofweg verdeeld in twee kampen. Positievelingen wijzen erop dat de wereldeconomie groeit en dat het een goed moment is om juist nu te investeren in bedrijven, omdat de kansen voor de komende tijd nog niet in de prijs van aandelen inbegrepen zit.

Meer somber ingestelde economen wijzen erop dat het weliswaar beter gaat maar dat dit met name komt door ingrijpen van overheden en toezichthouders. Die steken met goedkope leningen miljarden in het bedrijfsleven, om zo de motor op gang te krijgen. Prima, maar wat als diezelfde bedrijven het weer op eigen kracht moeten doen?

Los van de verschillende visies blijft het een feit dat sparen weinig oplevert. Net als jij kijken dan ook grotere partijen als pensioenfondsen en andere grote investeerders eerder naar alternatieven. Alleen hierdoor al gaat er meer geld naar de aandelenmarkten. Goed voor de koers van aandelen.

Als jij bij de 33 procent hoort die genoegen neemt met een spaarrente van rond de 1 procent, is het wellicht toch handig om de alternatieven te onderzoeken. Spaargeld vastzetten, beleggen of het aflossen van je hypotheek zijn voor de hand liggende opties. Wil je weten wat extra aflossen op de hypotheek in jouw specifieke situatie op kan leveren? Laat dit weten via het onderstaande formulier.

Bron: Wegwijs.nl

September 26, 2014 0 Comments